Kroatië - deel 2, grensovergang
- annicklauwers

- 23 jul 2022
- 3 minuten om te lezen
Bijgewerkt op: 25 jul 2022
We staan stil aan de grens, grens nummer twee. Uit Montenegro rijden is een fluitje van een cent. Weer binnen raken in Kroatië gaat trager. Om niet te zeggen, niet.
Andrej zegt dat het driehonderd meter is tot de grens. We rijden tien meter per tien minuten. Het lijkt de grens met Mexico en een drugskartel in plaats van een hoop toeristen die landhoppen.
Ik heb rechts een mooi uitzicht, een bar langs de kant van de weg zou welkom zijn. Geduld is een schone deugd. Maar makkelijker verteerbaar met een glas rosé. Doe maar met ijs, want de temperaturen staan in brand.
Traag kruipend is het perfect dode moment om mijn blog te schrijven.
We rijden rond de baai van Kotor. We wandelen door Unesco werelderfgoed. Heel even denken we dat richting kust en Budva een goed idee is. We maken rechtsomkeer nog voor we de stad goed en wel bereikt hebben.
Andrej vertelt ons dat Budva een samenwerking met Rusland aangegaan is. De stad moet het nieuwe Monaco van Poetin worden. Ik trek uit de hoogte een foto van de oude stad. Daarrond kruipt oude en nieuwe hoogbouw in de lucht.
We horen ook van een taxichauffeur dat de Montenegrijnen niet zo blij zijn met deze wissel van plannen voor hun stad. Maar Poetin heeft er zijn oog op laten vallen en investeert de gouden munten in zijn schatkist. Wij hebben geen zin in de drukte van een strand met duizend parasollen en de bling van Russisch Monaco. We hebben goesting in erfgoed.
We draaien bij het eerste ronde punt en rijden door dezelfde tunnel de bergen weer in. We nemen nu de andere kant van de baai. Ik vraag me een paar keer af of het eenrichtingsverkeer is. En wij de verkeerde kant op rijden. De weg is niet gemaakt voor elkaar kruisende voertuigen. Te paard zou kunnen.
Deze kant is veel fijner dan de drukke toeristische kant : hele kleine dorpen, nog veel kleinere stranden en betonnen steigers in het water, waar plastieken roze flamingo’s op hun schippers liggen te wachten. We stoppen bij mosselbanken en kijken hoe de goede van de slechte schelpen gescheiden worden.
Kotor en Perast eisen aan de overkant blinkend de Unesco status op. Trots geflankeerd door hun grijsgroene bergen en azuurblauwe water. We ruilen vandaag zon in voor airconditioning. Frisse lucht binnen vier muren van een auto.
De voorbije dagen zijn smeltend geweest. Mijn hersenen staan in brand. Zelfs rosé met een half glas ijsblokken helpt niet. We brengen uren op het water door, van tuffend tot high speed.
Met onze kleine macho boot verkennen we de baai en eilanden rond Cavtat. We meren aan op Supetar en voelen ons God en David Beckham. Hij loopt hier volgens welingelichte bronnen ergens rond. St. Pietro beach club bedwelmt ons met hemelse drank en spijzen. En noemt zich met verve #islandbeyonddivine.
We hebben een probleem met elegantie op het gebied van aanmeren en vertrekken. Maar hé, oefening baart kunst. We gaan glorieus voor de volle air van ervaren bootmensen. Erik geeft onderweg zijn stuur over aan de meisjes. Ik hoef niet perse schipper te zijn.
Leo en zijn speedboot brengen ons naar de Elafiti eilanden. De meisjes vooraan balancerend en liggend op matrassen. Hun zonnebrillen en haren genietend in de wind van de snelheid. Leo laat ons zwemmen in blauwe grotten, in turkoois water.
We liggen tussen vaarbeurten in, te blakeren op stoelen met hoofddeksels. Onze lichamen sissen wanneer we in het water vallen. Banac beach bar stapelt de ijsblokken in mijn rosé. Mijn zonnebril schuift naar beneden van mijn neus. Zweet parelt.
ps Ondertussen is er de grens. We hebben meer dan anderhalf uur mogen aanschuiven. Ze laten ons in een wip binnen. Ik vraag me af, welke smokkelwaar de auto’s voor ons bij hadden, dat hun controle zo lang duurde. Misschien een Poetin souvenir uit Budva.






































Opmerkingen